Persbericht: Geen maximumprijzen voor energie

warning: trim() expects parameter 1 to be string, array given in /opt/www/schiltzw/web/www.wfschiltz.be/sites/all/modules/ezmlm/ezmlm.module on line 86.
30/10/2007

De aangekondigde prijsstijgingen in de energiesector hebben voor heel wat ophef gezorgd. In het zog daarvan rijst vanuit groen-socialistische hoek de vraag om maximumprijzen op te leggen aan dominante energieleveranciers.
In België is de energiemarkt volledig vrijgemaakt. Zowel particulieren als bedrijven kunnen dus vrij hun elektriciteits- en/of gasleverancier kiezen. Hierdoor zou er meer en betere concurrentie ontstaan en op termijn scherpere prijzen. Het instellen van maximumprijzen druist regelrecht tegen dit principe in.

Waarom stijgen de prijzen?
Op het eerste zicht lijkt een pleidooi voor maximumprijzen lovenswaardig: het heeft de bedoeling de zwakke consument te beschermen. De groene en socialistische partijen leggen de oorzaak van de stijgende energieprijs bij een mislukte liberalisering van de energiemarkt. Volgens hen is deze vrijmaking mislukt omdat vooral de zogenaamde “historische spelers” als Electrabel over een monopolie lijken te beschikken waardoor zij eenzijdig de prijs zouden kunnen bepalen en zo woekerwinsten nastreven ten koste van de consument.
Dit is echter geen juiste weergave van het probleem.
De energiemarkt is vrijgemaakt om concurrentie te bevorderen. Door concurrentie toe te laten ontstaan er scherpere prijzen en wordt sneller geïnvesteerd in een efficiënte infrastructuur om zo de consument een betere dienstverlening en aantrekkelijkere prijzen aan te kunnen bieden. 
De vrijmaking van de Belgische energiemarkt lijdt nog aan enkele kinderziektes. Het klopt dat er nog te weinig concurrentie is. Het klopt echter niet dat de prijsstijgingen louter te wijten zijn aan de prijspolitiek van de dominante leverancier, Electrabel. De energieprijzen in België behoren zeker niet bij hogere van Europa. Ze liggen zelfs beduidend lager dan in onze buurlanden. Bovendien stijgen de energieprijzen wereldwijd. Men dient er zich op voor te bereiden dat energie onomkeerbaar duurder wordt.
Een maximumprijs invoeren kan met andere woorden niets verhelpen aan de stijgende trend wereldwijd.
Verder is het niet zo dat de verwachtte stijging een abnormale piek zou zijn in de prijs. In 2006 lagen de prijzen van elektriciteit zelfs lager dan in 2005 en zelfs de prijs voor 2007 ligt niet hoger dan die van 2005. De scherpe daling in 2006 was volgens de CREG trouwens te wijten aan een tijdelijke concurrentiestrategie in de eerste fase van de liberalisering: een lage prijs maakt het immers minder aantrekkelijk om bijkomende concurrentie op te starten. Dit bewijst dus dat er wel degelijk dreigende concurrentie is en vrijmaking kan leiden tot lagere prijzen! Indien de Belgische energieprijzen ver boven het Europese gemiddelde zouden stijgen, dan zouden er onmiddellijk enkele concurrenten hun diensten in ons land aanbieden.
Maximumprijzen verstikken elke concurrentie
Het klopt ook niet dat een maximumprijs de concurrentie zou vergroten. Het maximumprijzen-voorstel gaat voorbij aan de manier waarop de prijs voor de consument bepaald wordt. Deze prijs hangt namelijk af van verschillende componenten zoals productie/invoer, vervoer, distributie en levering.
De verschillende energieaanbieders hebben daarbij vaak een verschillende kostenstructuur. Een “historische speler” , zeg maar een gevestigde leverancier zoals Electrabel, zal minder productiekosten hebben omdat hij reeds operationeel is. Een nieuwe speler zal hogere opstartkosten hebben. Zo zal een jonge concurrent voluit getroffen worden terwijl hij mogelijk niet verantwoordelijk is voor de prijsstijgingen. Op het eerste zicht lijkt een maximumprijs enkel de prijs en de winstmarge van de “historische speler” te verlagen, bij nader inzicht legt zo’n plafond ook meteen de nieuwe aanbieders een strop om de hals. Dit zou ervoor zorgen dat leveranciers uit België wegtrekken, investeerders niet langer geïnteresseerd zijn en de concurrentie daadwerkelijk vermindert. Wat uiteindelijk kan leiden tot ... hogere prijzen.
Maximumprijzen zijn een verregaande vorm van interventie en kunnen de marktwerking ernstig verstoren. Denk maar aan Californië, waar men na de liberalisering maximumprijzen instelde en zodoende vraag en aanbod niet meer kon afstemmen op elkaar; wat tot een energiecrisis leidde waarbij de consument uiteindelijk de dupe was.
Vanuit de liberale hoek pleiten wij er dan ook voor om eerder structurele maatregelen te nemen. Op het vlak van aardgas denken wij hier onder andere aan het oplossen van de congestie op de Belgische invoer punten, vlottere invoermogelijkheden trekt leveranciers aan en meer leveranciers betekent lagere prijzen. Op vlak van elektriciteit zou men een deel van de productiecapaciteit van Electrabel ter beschikking kunnen stellen van nieuwe leveranciers.
Om tot een concurrentiele markt te komen dient men vooreerst de toetredingsdrempels te verlagen en het risico op misbruik van machtspositie te verminderen.
Maximumprijzen zouden een pervers effect teweegbrengen in de huidige stand van onze geliberaliseerde energiemarkt. Wat op korte termijn misschien wel voor een prijsdaling of stabiliteit zorgt, kan op lange termijn een hele ontwrichting van het marktmechanisme betekenen. Waar het eigenlijke doel van maximumprijzen erin bestaat de consumenten te beschermen, zou dit hen wel eens zeer zuur kunnen opbreken.
Bart Tommelein & Willem-Frederik Schiltz

Info
Contact: 

Willem-frederik Schiltz
Kamer van Volksvertegenwoordigers
Huis der Parlementsleden

Lokaal 2015
Leuvenseweg 21
1008 Brussel
Telefoon: +32 2 549 89 15